Een activiteit of spel is op een bepaalde manier voorbereid en uitgelegd aan de deelnemers. Toch kan de uitvoering afwijken van hetgeen dat bedacht is. Een handig handvat voor de spelleider is om direct na aanvang van de activiteit te kijken of:
1. Het loopt
Niet? De activiteit moet dan waarschijnlijk op organisatie, regels, taken verduidelijkt worden.
2. Het lukt.
Niet? De activiteit moet dan waarschijnlijk vereenvoudigd worden of verduidelijkt worden
3. Het leeft.
Niet? De activiteit moet gevarieerder of uitgebouwd worden.
Om goed te kunnen bepalen of een activiteit Loopt, Lukt of Leeft zijn een aantal vaardigheden van belang:
Presentatie van de spelleider
- Sportieve houding
- Goede opstelling
- Vriendelijk, enthousiast, duidelijk, verstaanbaar
- Overtuigend
- Motiverend en stimulerend
Uitleg door de spelleider
- Voorbereid, alles ligt of staat klaar
- Neem de tijd
- Geef de bedoeling aan
- Plaatje, praatje, daadje.
- Leg stapsgewijs uit, hoofdzaak eerst, bijzaken later
- Methodisch uitleggen en spelen
Positie van de spelleider
- Er staat niemand achter je
- Houd een afstand
- Zorg dat je zichtbaar bent en blijft
- Buiten:
- Tegen de zon in staan
- Met de wind mee praten
- Een actieve houding
- Kies steeds de meest handige positie
Begeleiding door de spelleider
- Goede opstelling
- Volg het spel
- Let op veiligheid
- Iedereen betrekken
- Waardeer betrokkenheid van deelnemers
- Actief blijven tijdens activiteit
- Houd het aan de gang
- Geef en houd de leiding
- Zorg voor intensiteit bij alle deelnemers
- Corrigeren
- Individueel
- Algemeen
- Neem beslissingen bij onduidelijkheden